Sixten kruipt bij me op het bed. Hij duwt zijn neus zachtjes tegen mijn worstvingers. Hij wil niet. Ik wil niet. Maar het maakt niet uit wat ik wil of wat hij wil. Dat maakt al heel lang niets meer uit.
Sixten kruipt bij me op het bed. Hij duwt zijn neus zachtjes tegen mijn worstvingers. Hij wil niet. Ik wil niet. Maar het maakt niet uit wat ik wil of wat hij wil. Dat maakt al heel lang niets meer uit.